Wever

Je weeft tapijten, stoffen voor meubels of badstoffen. Je kunt een goede knoop maken. Er zijn 4 verschillende soorten knopen die je allemaal in de vingers hebt. Daarnaast beheers je verschillende technieken zoals platweven en jacquardweven. Je controleert of er fouten zijn in het weefsel. Zo kijk je het werk na op het gebruik van de juiste kleuren. Een goede kennis van kleuren is heel belangrijk. Daarnaast doe je ook een eerste controle op de kwaliteit van het weefsel. Als er zich mechanische problemen voordoen, grijp je in. Je zorgt bovendien voor het onderhoud van de machines. Tijdens je werk, draag je veiligheidskleding zoals schoenen en oorbescherming. Er is dan ook veel lawaai op de werkplaats. Je hebt een belastende job, zowel lichamelijk als fysisch. Je volgt uiterst nauwgezet de machines op. De sector is geƫvolueerd naar een hoogtechnologische sector. Als platwever controleer je 20 tot 30 machines. Als tapijtwever zijn er dat maximum 4. Tot slot heb je soepele vingers.